Elk najaar verandert de hemel boven Nedersaksen in een fascinerend natuurschouwspel: duizenden trekvogels rusten hier op hun reis tussen noord en zuid.
Luid gakkende wilde ganzen trekken in een grote V door de lucht. Overdag hangt hun tevreden gesnater boven de drassige weides. In de Waddenzee voeden zangvogels uit IJsland of Siberië zich op hun tussenstop met mosselen en wadpieren, voor ze verder vliegen naar de Middellandse Zee of Afrika. In het veen pauzeren elegante kraanvogels, voordat ze richting het zuiden trekken. En andere vogels, zoals Siberische zwanen en ganzen, komen uit het hoge noorden om bij ons te overwinteren.