Een van de grootste draslandgebieden ter wereld bevindt zich niet in het Amazonewoud, maar direct voor onze neus aan de Noordzeekust. Zou dat geen goede vraag voor een kruiswoordraadsel zijn?

Ja, dat komt inderdaad voor veel mensen als een verrassing. En er zijn zelfs twee antwoorden. Het Oost-Friese is heel kort: wad. Van Oost-Friezen wordt sowieso gezegd dat we weinig spraakzaam zijn. Voor het tweede antwoord is iets meer ruimte nodig: het UNESCO-wereldnatuurerfgoed biosfeerreservaat nationaal park Nedersaksische Waddenzee.

“Alleen wat de mens kent, kan hij beschermen” − een fantastisch moto. Hoe goed kennen wij het wad eigenlijk?

Dat is het principe dat ik en nog veel meer wadgidsen volgen. Maar er staat nog een zin voor. Namelijk: “natuur natuur laten zijn”. Het principe van alle nationale parken en ook het nationale park Waddenzee is een voorbeeld van de kwetsbaarheid van de aarde. De omvangrijke kennis over de Waddenzee willen we bij wadwandelingen overbrengen aan onze deelnemers. Veel dingen zie je niet op het eerste gezicht. Een vierkante meter wadbodem bevat bijvoorbeeld tienduizenden wormen, kreeften en mosselen. Daarover vertellen we en we laten het zien aan onze deelnemers want “alleen dat wat je kent, kun je beschermen!”.

In het wad ontwaakt de lente. Hoe moeten we ons dat voorstellen?

De lente vindt vaak plaats in de kleine dingen. Bijvoorbeeld in de vermeerdering van talloze micro-organismen in het water. Je kunt de lente zelfs horen. De grote menigte trekvogels die weer terugkomt en hier aan de oevers van de Waddenzee broedt. De kievit, oestervisser, lepelaar, kluut en natuurlijk ook de trekvogels die hier een kleine pauze inlassen om zich op weg naar de poolgebieden voor te bereiden.

Hoe word je gecertificeerde wadgids?

Er moet een mondeling examen van ca. 90 minuten worden afgelegd voor een vijfkoppige examencommissie bij de nationale parkadministratie, bestaande uit meerdere delen (kennis van de plaats en navigatie, nood- en gevarenpreventie, weerkunde, soortenkennis, juridische kennis van de wadgidsverordening en de nationale parkwet). Je moet bewijzen dat je alles weet over de Waddenzee. Om dit te doen, moet je eerst de routes waarbij getest wordt met andere wadgidsen aflopen. Vooral de kennis van de plaats is belangrijk en die moet tot in het detail aangetoond worden. Maar het omvat ook veiligheidsaspecten i.v.m. nood- en gevarenpreventie. Je bent onderweg met veel mensen en die moeten veilig door het wad worden geleid en natuurlijk ook weer heelhuids worden teruggebracht.

Na een lange gedwongen pauze door de coronapandemie mogen nu weer begeleide wadwandelingen worden aangeboden. Zijn deze al volgeboekt? Of liever gezegd: hoe groot is de belangstelling voor dit avontuur in de natuur?

Ja, we mogen weer vertrekken! En dat doet ons enorm veel plezier. Een aanbod van begeleide toeren is super belangrijk zodat mensen niet op eigen houtje op pad gaan in het wad. Om deze unieke natuur te ervaren, kunnen bezoekers zich aanmelden voor een begeleide wadwandeling. Aan de ene kant gaat het natuurlijk om veiligheid, maar aan de andere kant gaat het ook om veel spannende informatie die wordt verteld tijdens de tocht en die men anders misschien niet te weten was gekomen.

Onze tochten waren vanaf de eerste dag van de versoepeling meteen volgeboekt. Maar dat ligt ook aan het zeer beperkte aantal van maximaal 16 deelnemers.

Er is een groeiende interesse in het beleven en leren kennen van deze unieke natuur, vooral bij mensen die voor het eerst naar de Oost-Friese kust komen. Vaak is het wereldnatuurerfgoed de reden voor een vakantie in onze regio. De beweegreden voor onze aanvraag van versoepelingen bij wadrondleidingen was vooral de angst dat mensen zonder kennis het gebied op eigen houtje zouden gaan verkennen.

Hoeveel mensen gaan er per jaar op de “Oost-Friese” zeebodem wandelen?

Ik heb eerlijk gezegd geen idee hoeveel mensen hier op de wadbodem gaan wandelen of een wadwandeling maken. Er is echter een onderzoek waaruit blijkt dat ca. 18% van de nieuwe bezoekers geïnteresseerd zijn en willen deelnemen aan een rondleiding.

Ook de Oost-Friezen zelf trekken er graag op uit in het wad. Bij het wandelen over de zeebodem kun je niet alleen veel leren, maar ook heerlijk ontspannen: je blik laten zweven over het landschap, tot rust komen − dat is pure onthaasting!

Wat hoort bij een volledige uitrusting als men zich een weg baant door het slijk en zand langs de stromende prielen?

Bij een volledige uitrusting hoort ook een wadgids. Nee, grapje natuurlijk ;-).

Zorg voor bescherming aan je voeten. Goed vastgebonden, oude sportschoenen zijn ideaal voor een wadtocht om te voorkomen dat je je voeten niet snijdt aan de scherpe mosselschelpen. Voor kleine tochten aan het strand biedt een paar sokken voldoende bescherming. Bij langere toeren mogen de volgende dingen niet ontbreken: een rugzak met een paar snacks, iets warms om aan te trekken, hoofdbedekking en zonnebescherming.

Naast het eindeloze wad is er nog veel meer natuur te ontdekken in Ostfriesland. Bijvoorbeeld de zee van bloesems in de talrijke parken en tuinen. Kunt u er een paar aanraden?

Oh ja, achter de dijk valt er veel te ontdekken. De mooie parken en boerentuinen rond de Gulfhäuser-huizen. En het Park der Gärten in Bad Zwischenahn is een absoluut highlight, vooral nu de rododendrons in bloei staan. En niet te vergeten: de nieuwe tentoonstelling over vogels, die is heel interessant! De Park der Gärten heeft 40 model- en thematuinen en is het grootste modeltuinenpark in Duitsland.

Maar ook veel andere parken en tuinen bieden een fascinerende inkijk in de tuincultuur, zoals Rhodopark Hobbie in Westerstede, Schlosspark (slotpark) Lütetsburg, Blumenhalle Wiesmoor, Schlosspark Gödens en ook de Klostergarten (kloostertuin) Ihlow op het Oost-Friese schiereiland.

Een contrast met het wad en toch heel charmant: wat is er zo speciaal aan deze groene oasen die door hun veelzijdige uitstraling nauwelijks te overtreffen zijn?

Of het nu gaat om een slottuin, thematuin, boerentuin of bloemenparadijs: in Ostfriesland zijn er talloze prachtige en veelzijdige parken en tuinen. Deze “oasen van rust” liggen verspreid over het hele Oost-Friese schiereiland. Vooral in het Ammerland zijn er heel veel parken en tuinen. Door de eeuwen heen − niet in de laatste plaats door de talloze boomkwekerijen − heeft de regio zich ontwikkeld tot een fantastisch parklandschap.

Heel typisch voor het zuidelijke Ostfriesland zijn de veengebieden die een heel specifieke stempel drukken op het landschap. Eerst met de auto of de fiets naar het Fehnmuseum (Veenmuseum) in Westgroßefehn en dan de Deutsche Fehnroute (Duitse veenroute) verkennen − is dat een reis waard?

Het veengebied in het zuidelijke Ostfriesland is een must voor elke toerist in Ostfriesland. Het is uniek in heel Duitsland. De lange kanalen met de witte ophaalbruggen en de talrijke molens zijn de markantste kenmerken van de regio. In enkele gemeenten langs de Fehnroute, bijv. in de gemeente Uplengen, zijn er beschermde natuurgebieden waar je het veen in ongerepte vorm kan beleven. Hier krijg je een idee hoe het land in grote delen van Ostfriesland eruit zag voor de cultivering van het veen. Daarnaast kunnen er nog veel andere dingen worden bewonderd op de ca. 173 km lange route, bijv. de “Pünte” (de laatst per hand voortgetrokken wagenveerboot in Europa), de Meyer Werft in Papenburg, de Blumenhalle in Wiesmoor of je kunt ook een tocht in Barßel maken met de MS “Spitzhörn” op de Soeste-rivier.

De Deutsche Fehnroute en het veenlandschap kunnen perfect worden verkend met de auto of op de fiets. Zelf heb ik ook al een groot deel verkend.

Is het raadzaam om Platduits te begrijpen of zelfs te spreken als je door het veenland reist?

Nee, je hoeft geen Platduits te begrijpen of te spreken. Een vriendelijk “Moin” opent alle deuren en ook de harten. Dat is niet alleen het geval in het veengebied, maar in heel Ostfriesland. Het maakt niet uit of dat ‘s ochtends, ‘s middags of ‘s avonds is. We begroeten elkaar zo op elk moment van de dag. Dat is altijd goed! Want hiermee wensen we elkaar een fijne dag toe. Maar toch is het zeker spannend om de Oost-Friezen in actie te zien op de weekmarkt of aan de kassa van de supermarkt en ze daarbij Platduits te horen praten.

Een spreekwoord zegt: 90% hemel en 10% aarde zijn 100% Ostfriesland. Wat betekent dat precies?

Het land hier is zo vlak en weids dat tenminste 90% van de hemel deel uitmaakt van het landschap. Onze dijken en duinen zijn al de hoogste heuvels en dan nog die eindeloos weidse hemel. Een Oost-Friese wolkenhemel hoort er gewoon bij. Nergens anders vind je zulke op watten lijkende wolken. Ook in ons nationale drankje Oost-Friese thee zijn die “Wulkjes” terug te vinden. Over thee gesproken: daar ontkom je in Ostfriesland niet aan. Drie koppen thee per dag, zo hoort het in Ostfriesland. Nooit in de thee roeren en de room altijd linksom in de thee gieten − daardoor stopt de tijd eventjes. Niet voor niets zeggen onze bezoekers: “In Ostfriesland tikt de klok langzamer!”. Maar terug naar de eigenlijke vraag: onze horizon is zo breed en het land zo vlak dat we al kunnen zien wanneer jullie vertrokken zijn. Tot snel, Moin in Ostfriesland!

Status: juni 2020